Openheid
Binnen ons soort relatie wil de Dom sturen binnen alle facetten van de relatie. In ideale zin wil hij alle informatie over en van zijn sub hebben voordat hij kan en wil sturen. Een compleet beeld, inzicht in zijn sub, over feiten, emoties, beleving.
Sub of huis
Vergelijk het met iemand die een huis gaat kopen. Die schraapt alle vindbare info bij elkaar. Die verwacht ook veel en eerlijk informatie aangereikt te krijgen door de andere partij. Hij wil echte informatie, hele informatie en geen brokstukken, geen hints, geen verborgen boodschappen. Informatie van de makelaar, de verkoper, de buren, het kadaster. Op basis van dat complete beeld kan hij een zo goed mogelijke beslissing nemen om het huis te kopen of niet. Zo koop je geen kat in de zak.
Binnen regelgeving is het zelfs zo geregeld dat een koop nietig kan zijn als onvoldoende of onjuiste informatie is verschaft door de verkopende partij.
Vertrouwen
Er komt een heel brok vertrouwen kijken bij het geven van de gewenste openheid door de sub. Je stelt je heel kwetsbaar op als je alles vertelt wat je denkt en voelt, het is bijna not done in onze maatschappij. Je bent gewend een façade op te houden, indirecte signalen te geven, dingen voor je te houden. Vaak is dat sociaal ook heel wenselijk. Alleen is een relatie als de onze bij uitstek niet normaal, in veel dingen niet te vergelijken met een vanilla relatie.
Openheid, kwetsbaarheid, sturing toelaten, overgeven van controle, echt loslaten: het is een moeilijk proces om dat echt te bereiken. Moeilijker dan wat technieken toepassen in je sm kelder op zaterdagavond, moeilijker dan een paar klappen met een zweep incasseren. Toch is het het meest waardevolle proces binnen een relatie die wij nastreven, waarin we uitgaan van een leven als Eigenaar/eigendom. Het levert veel op, het kost meer.
Proces
In het proces om te leren open te zijn, streef je ernaar dat je uiteindelijk als Dominant erop kunt vertrouwen dat je geïnformeerd wordt. Je wilt niet trekken en sleuren – al kun je niet voorkomen dat zoiets soms nodig is.
Zoals een schaatser bij een bevroren sloot steek je eerst een voetje uit, schopt even tegen het ijs en trekt ‘m terug. Je zet een voet op het ijs en als het niet kraakt breng je er wat meer gewicht op. Je zou gek zijn om meteen op het ijs te springen. Je let op kraken, scheuren, water op het ijs. Langzaam vertrouw je, je wordt overmoedig, springt op het ijs. Dan ga je gerustgesteld schaatsen en denkt er verder niet meer aan. De fase van het testen is over en het wordt normaal. Als je steeds zou blijven testen en je voet terugtrekken dan zou je nooit aan schaatsen, je ‘core business’, toekomen. Maar je moet wel willen schaatsen. Als je alleen graag een teentje op het ijs zet, heb je je doel al snel bereikt. Als de ander verwacht dat je dat teentje uitsteekt om te willen gaan schaatsen, dan heb je een afstemmingsprobleem.
Fasen in gewenste openheid
Hieronder probeer ik een paar fasen in het proces te benoemen. Het is geen lineair proces, al is de laatste fase het meest wenselijk. Niet dat wij de hele weg al bewandeld hebben en de eindfase constant bereiken, al proberen we daar wel te komen.
1) De D neemt in vol vertrouwen een beslissing en merkt aan de reacties dat er iets niet pluis is. De sfeer is verpest en de verwijten vliegen over en weer. Dit is vaak een startpunt voor stellen om aan openheid te gaan werken: Je merkt dat er iets niet klopt, het voelt niet goed. Je weet te weinig.
2) De D merkt in gedrag of halve signalen dat er iets aan schort en besluit te gaan vragen wat er is. Na veel trekken komt het verhaal eruit. De D is hier druk mee bezig en de s vertelt met tegenzin wat er is. Het is als een soort onwilligheid en als de D doorvraagt en erg zijn best doet dan krijgt hij het hele verhaal. Waarbij hij altijd maar moet gissen of er niet nog iets speelt. De D trekt, de s laat wat los.
3) De s begint met vertellen en de D vraagt, vult aan, bevraagt. Het complete verhaal komt eruit. De D signaleert en bevraagt, stimuleert het vertellen, biedt een veilige omgeving.
4) De s vertelt/schrijft alles en laat niets weg, op eigen initiatief. Dit is de meest verregaande vorm. De s weet dat de info op waarde geschat wordt en durft alles te vertellen. De s durft het te laten gaan, controle te geven. D en s hebben een manier gevonden om zo optimaal mogelijk open te zijn.
Dynamiek
Openheid geeft de mogelijkheid om echt te sturen en echt gestuurd te worden. Basis is dat de s wil vertellen en de D wil weten, de s wil gestuurd worden en de D wil sturen. Zij moeten dat voelen bij elkaar. Als de een denkt paarlen voor de zwijnen te gooien dan is de dynamiek weg. Als de s vertelt en vertelt maar het dooft constant uit in apathie aan de kant van de D, dan is er wat mis. Als de D constant en te lang als een dienende partij moet gaan vissen en jagen en trekken om uit dubbelzinnige signalen een verhaal te breien is dat ook niet goed. Dit soort dynamiek versterkt door het gedrag van beide partijen, maar kan ook verzwakken bij het uitblijven van tastbare vooruitgang










Leave your response!